Zomer 2026 koerst af op historische warmte
Droogte in Haarzuilens | Stephan van Loon
De meteorologische zomer is ruim twee maanden bezig, maar staat in De Bilt voorlopig op een gemiddelde van 19,6°C. Dat is ruim twee graden boven normaal en zelfs hoger dan het eindgemiddelde van recordzomer 2018. Vooral de uitzonderlijke hitte in juni springt eruit.
De zomer van 2026 behoort nu al tot de meest opvallende zomers sinds het begin van de officiële metingen in De Bilt. Tot en met 4 augustus bedraagt de gemiddelde temperatuur 19,6°C, tegenover 17,5°C normaal. Ter vergelijking: de warmste zomer sinds 1901 was die van 2018, met gemiddeld 18,9°C. Wanneer de zomer nu zou eindigen, zou 2026 dus bovenaan staan. Augustus telt echter nog vrijwel volledig mee, waardoor de definitieve positie pas aan het einde van de maand kan worden bepaald. De zomers van 2003, 2022 en 2025 behoren eveneens tot de warmste in de meetreeks.
Onderstaande grafiek laat goed zien hoe uitzonderlijk het temperatuurverloop is geweest. Vooral vanaf halverwege juni liep de temperatuur scherp op. Na een minimum van slechts 6,1°C op 11 juni volgde binnen twee weken een stijging naar 36,8°C op 26 juni in De Bilt. Zowel de minimum-, maximum- als gemiddelde temperatuur lagen tijdens deze periode ver boven de klimatologische normaal. Tussen 18 en 29 juni was officieel sprake van een landelijke hittegolf. Juni eindigde in De Bilt met een gemiddelde temperatuur van 19,1°C, bijna drie graden boven normaal en goed voor de op één na warmste juni sinds 1901. Alleen juni 2023 was met 19,4°C nog iets warmer.
De hitte aan het einde van juni was bovendien niet alleen langdurig, maar ook uitzonderlijk intens. Het gemiddelde over de drie heetste dagen, van 24 tot en met 26 juni, kwam in De Bilt uit op 27,4°C. Een dergelijke driedaagse hitte komt in het huidige klimaat in juni naar schatting ongeveer eens per twintig jaar voor. Volgens onderzoek van het KNMI is zo’n hitteperiode door klimaatverandering ruim drie graden warmer geworden. Ook waren er in De Bilt drie tropische nachten op rij, terwijl een tropische nacht normaal gemiddeld slechts ongeveer eens per drie jaar voorkomt. Op 26 juni gaf het KNMI voor het eerst in de geschiedenis code rood uit vanwege extreme hitte.
Meer dan tien graden warmer dan normaal
Ook de afwijkingsgrafiek maakt de junihitte bijzonder zichtbaar. Rond 24 tot en met 27 juni lag de gemiddelde etmaaltemperatuur meer dan tien graden boven normaal. Het voortschrijdende gemiddelde liep daardoor snel op tot ongeveer vijf graden boven de gebruikelijke waarde voor dat moment in de zomer. Begin juli volgde een koelere onderbreking en rond 19 tot en met 24 juli waren enkele dagen zelfs iets koeler dan normaal. Die fase was echter onvoldoende om het grote warmteoverschot uit juni weg te werken. Daarna keerden de positieve afwijkingen terug, met opnieuw zeer warme dagen aan het einde van juli en begin augustus.
Juli verliep met gemiddeld 19,7°C in De Bilt eveneens zeer warm. Slechts zeven julimaanden waren sinds 1901 warmer. Toch had juli een heel ander karakter dan juni. De Bilt telde vijftien zomerse dagen met minstens 25°C, tegenover negen normaal, maar slechts één tropische dag met 30°C of meer, tegenover twee normaal. De warmte was daarmee vooral langdurig en vrij gelijkmatig verdeeld, zonder de uitzonderlijk hoge uitschieters en intense hitte die juni kenmerkten. Veel dagen verliepen zomers warm, terwijl echt extreme hitte grotendeels uitbleef.
Droogte zet door
Naast het temperatuurbeeld valt vooral de steeds nijpender wordende droogte op. In De Bilt viel in juli slechts 22 millimeter regen, waarmee het de achtste droogste julimaand sinds 1901 was. Hoewel juni landelijk door enkele zware buien als vrij nat eindigde, viel een groot deel van die neerslag vroeg in de maand en bovendien zeer plaatselijk. De droge lente en de zeer droge juli zorgden ervoor dat het landelijke neerslagtekort eind juli was opgelopen tot ongeveer 248 millimeter. Dat is ongeveer tweemaal zoveel als in een doorsneejaar en nog maar twintig tot dertig millimeter minder dan rond hetzelfde moment in de historische droogtejaren 1976 en 2018. De aanhoudende warmte versterkt het tekort, doordat meer vocht uit bodem, planten en oppervlaktewater verdampt. Op verschillende plaatsen is inmiddels sprake van watertekorten en worden maatregelen genomen.
De tijdelijk gematigde temperaturen van komende dagen brengen nauwelijks verlichting. Tijdens het weekend draait de stroming opnieuw naar warmere richtingen en loopt de temperatuur landinwaarts waarschijnlijk weer op tot tropische waarden. Op de meeste plaatsen blijft het droog. Alleen zondag en maandag bestaat vooral in het zuidoosten een kleine kans op een lokale onweersbui. Een omvangrijk en langdurig regengebied, dat het neerslagtekort werkelijk zou kunnen verkleinen, blijft voorlopig buiten beeld. Daarmee lijkt de zomer van 2026 haar zeer warme, zonnige en steeds drogere karakter ook de komende tijd voort te zetten.